Natuur, milieu en landschap behoren binnen het beleid van de Vlaamse Regering niet tot de dagdagelijkse prioriteiten. In plaats van het decreet op het natuurbehoud en het natuurlijke milieu verder uit te voeren, heerst er bij de Vlaamse Regering eerder een mentaliteit van de pas op de plaats maken. Het is pappen en nathouden, en (geregeld moeizaam) zorgen dat er geen stappen achteruitgezet worden. Bij het aantreden van minister Peeters is het aankoopbudget voor de erkende terreinbeherende verenigingen met 1 miljoen Euro per jaar teruggedraaid. Ook voor de overheidsaankopen is er minder geld: de opgestarte budgetvermindering wordt verder gezet. Alhoewel onder het motto ‘minder aankopen, beter beheer’ het budget voor de erkenning van reservaten met 0,5 miljoen Euro is verhoogd, lopen de erkenningen door de minister veel te stroef en veel te traag om nog te kunnen vallen onder de noemer ‘goed bestuur’. Ondertussen valt alle beheerslast op de schouders van de vrijwillige beheerteams. Te vaak beschouwen we het al als een overwinning wanneer de dreiging van achteruitgang enigszins is afgewend. Helaas, consolidatie en stilstaan betekent achteruitgaan, zeker wanneer het om sterk afnemende biodiversiteit gaat. Een andere bezorgdheid op korte termijn is dat de middelen voor natuur in het kader van het plattelandsbeleid op Vlaams niveau niet mogen teruggeschroefd worden: er is sowieso al een schrijnend tekort in de budgetten voor natuur- en landinrichting.
Er zijn ook ontwikkelingen die nieuwe perspectieven en uitdagingen openen of waar dreigingen kunnen worden omgebogen tot kansen. Het Europees Natura 2000-project blijft een boeiende uitdaging. Het is nog niet overal doorgedrongen dat er met de Habitatgebieden niet kan worden gesold. De discussie rond het Deurganckdok heeft bewezen dat overheden maar leren als ze eerst met hun kop tegen de muur lopen. Zullen onze provincie- en gemeentebesturen hieruit hun lessen trekken? Dit fenomeen doet zich ook voor in andere landen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er signalen terzake komen.
Op Europees vlak hebben de regeringen de doelstelling ‘Countdown 2010’ vooropgesteld. De achteruitgang van de biodiversiteit moet volgens dit Europees engagement gestopt en omgebogen zijn tegen 2010. Deze ‘Countdown 2010’ kan een katalysator worden voor een sputterend Vlaams natuurbeleid, zeker als soortenbescherming kan worden geïntegreerd in een ‘leefgebiedenbenadering’ met samenhangende maatregelen.
Een andere even mobiliserende factor is de Europese landschapsconventie. Het is duidelijk dat we ons in de toekomst ook met alle kracht zullen moeten werpen op de kwaliteit, de identiteit en de herkenbaarheid van het landschap. Het landschap met zijn erfgoed vormt voor veel mensen een ankerpunt in een steeds verder gaande mondialisering. Een herkenbaar landschap waar je voor verantwoordelijk bent, kan een belangrijke bouwsteen zijn voor het zich goed voelen van mensen, omdat ze ‘iemand’ en van ‘ergens’ zijn en ze dat ook voor zichzelf kunnen definiëren. Bij de stichting van onze Regionale Vereniging in 1971 hadden we het al over Natuur én Landschap en gebruikten we de beeldspraak van een krentenbrood: het brood is het landschap, de krenten zijn de natuurgebieden daarbinnen, die smaak geven aan het geheel. Deze benadering schept ook mogelijkheden om dreigende ontwikkelingen rond het Europese en mondiale landbouwbeleid om te buigen tot nieuwe kansen én voor natuur en landschap én voor de landbouw en voor een nieuwe dialoog.
Bijzonder hoopgevend is de vaststelling dat Natuurpunt in onze regio zeer sterk groeit als beweging en tegelijkertijd vorm geeft aan biodiversiteit en kleur in het landschap. Binnen het werkingsgebied van Natuurpunt Oost-Brabant is er een belangrijke toename: van 4500 leden enkele jaren geleden tot nu bijna 7000 leden. Bij de Vlaamse rangschikking naar ledendichtheid zijn er binnen de eerste 25 gemeenten niet minder dan 8 gemeenten uit Oost- en Midden-Brabant. Geen toeval maar het resultaat van de ‘Kleurencampagne’. Hier was het motto : Natuur geeft kleur aan het landschap en inzet voor natuur. geeft kleur aan je leven. Tijdens deze campagne is het Natuurpunt-adagio ‘Natuur voor Iedereen’ binnen Natuurpunt Oost-Brabant verbreed tot ‘Natuur én Landschap met en voor Iedereen’. We hebben dit concept verder gestalte gegeven in de ‘Walk for Nature 2006’waarin we natuur en landschap als kans voor een streek in het kijker plaatsen. De ‘Walk for Nature 2006’ wil dan ook een hefboom zijn voor dit nieuwe, wervende maatschappelijk project. Daar gaan we voor binnen Natuurpunt Oost-Brabant.
Hugo Abts
voorzitter
Het specifieke aan het Natuurpunt Oost-Brabant-model
NPOB wil binnen deze regio het Natuurpunt-model invullen, uitwerken en verbijzonderen. NPOB vertrekt van een concept van werken aan betrokkenheid, openheid en vernieuwing, van de samenleving betrekken bij de werking rond de natuurgebieden, van natuurgebieden te situeren binnen een landschap en een samenleving, van mensen en groepen kansen geven om zelf mee aan natuur, landschap en leefmilieu in hun buurt te werken, van aanwezigheid en dialoog, van promoten van natuur en landschap als kans voor een streek, van promoten dat inzet voor natuur en landschap zingevend kan zijn voor mensen die hierrond willen werken.
Het decreet op het natuurbehoud en natuurlijk milieu wilde een keerpunt zijn